Top 10 Meest Iconische Schilderijen van Pablo Picasso

7 min lezen
Maak ons je Google favoriet
picasso

De Spaanse kunstenaar Pablo Picasso (1881-1973) geldt als een van de meest invloedrijke vernieuwers van de twintigste eeuw. Als rusteloze duizendpoot blonk hij uit in de beeldhouwkunst, keramiek, grafiek en theaterdecoratie, maar het waren zijn schilderijen die de kunstwereld voorgoed op zijn kop zetten. Geen enkele kunstenaar wist zichzelf zo vaak opnieuw uit te vinden: van de melancholische blauwe en gevoelige roze periode tot de schokgolven van het kubisme en zijn late surrealistische meesterwerken.

Omdat het auteursrecht op het werk van Picasso in Europa nog tot 2044 van kracht is (zeventig jaar na zijn overlijden), worden zijn meesterwerken streng beschermd. Wie zijn doeken wil bewonderen, reist naar toonaangevende instellingen zoals het MoMA in New York, het Prado en Reina Sofia in Madrid of Tate Modern in Londen. Van politieke protestkunst tot de oerknal van het kubisme: dit zijn de tien meest iconische schilderijen van Pablo Picasso, gerangschikt van tien naar een.

10. Les Noces de Pierrette (1905)

Les Noces de Pierrette ontstond in 1905 op het scharnierpunt tussen Picasso’s blauwe en roze periode. Het schilderij toont de bruiloft van Pierrette, die zojuist in het huwelijk is getreden met een rijke heer, terwijl haar geliefde Harlekijn (Picasso’s persoonlijke alter ego) vanuit de achtergrond toekijkt. Hoewel het tafereel zich afspeelt in een levendig cafe, heerst er een kille, ijzige sfeer vol eenzaamheid en sociale façade.

Het werk kent een turbulente veilinggeschiedenis. Na decennia in Frans privébezit werd het doek in 1989 bij Drouot in Parijs afgehamerd voor ruim 51 miljoen dollar aan een Japanse projectontwikkelaar, destijds een van de hoogste bedragen ooit voor een kunstwerk betaald. Toen diens vastgoedimperium instortte, verdween het doek jarenlang in een Zwitserse bankkluis voordat het opnieuw opdook in de internationale kunsthandel.

9. Nu bleu (1902)

In het najaar van 1901 raakte de negentienjarige Picasso in een diepe existentiële crisis na de tragische zelfmoord van zijn boezemvriend Carlos Casagemas in een Parijs cafe. Overmand door rouw en levend in barre armoede begon hij uitsluitend te schilderen in ijzige tinten Pruisisch blauw en grijs. Nu bleu (Zittend naakt) uit 1902 geldt als een van de meest intieme doeken uit deze periode: een naakte vrouw zit met gebogen rug ineengedoken, van achteren bezien, als een monument van pure wanhoop en verdriet. Het doek hangt tegenwoordig in het Musee Picasso in Parijs.

8. Family of Saltimbanques (1905)

Met de komst van zijn nieuwe muze Fernande Olivier klaarde Picasso’s gemoedstoestand rond 1904 op, wat leidde tot de warmere tinten van zijn roze periode. Family of Saltimbanques (Famille de saltimbanques), een doek van ruim twee bij twee meter in de National Gallery of Art in Washington, toont een groep rondtrekkende circusartiesten in een kaal zandlandschap. Picasso bezocht in die tijd wekelijks het nabijgelegen Cirque Medrano in Montmartre en voelde een diepe verwantschap met deze zwervende acrobaten.

Op het doek portretteerde hij zichzelf in het rood-wit geruite kostuum van Harlekijn, terwijl zijn vriend, de dichter Guillaume Apollinaire, herkenbaar is als de corpulente clown in het rood. Hoewel de gezinsleden dicht bij elkaar staan, ontbreekt elk oogcontact: ieder personage staart in een eigen richting, een treffende verbeelding van de eenzaamheid en maatschappelijke isolatie van de kunstenaar.

7. Le Reve (1932)

In de vroege jaren dertig beleefde Picasso een artistieke wedergeboorte dankzij zijn geheime romance met de zeventienjarige Marie-Therese Walter. In Le Reve (De droom), geschilderd op een enkele middag in januari 1932, portretteert hij zijn muze slapend in een rode fauteuil. De compositie breekt met de hoekige strengheid van het vroege kubisme en viert sensuele, vloeiende lijnen en zonnige pastelkleuren. Het gezicht van Walter is opgesplitst in een profiel en een vooraanzicht, waarbij Picasso meesterlijk een erotisch fallussymbool in haar voorhoofd en neuslijn verwerkte.

Het doek verwierf wereldfaam door een bizar ongeluk in 2006. De Amerikaanse casinomagnaat Steve Wynn had zojuist ingestemd om het werk voor 139 miljoen dollar te verkopen aan miljardair Steven A. Cohen, toen hij tijdens het zwaaien met zijn arm per ongeluk met zijn elleboog door het doek stootte. Na een minutieuze restauratie van 90.000 dollar kocht Cohen het schilderij in 2013 alsnog voor een recordbedrag van 155 miljoen dollar.

6. The Accordionist (1911)

Samen met Georges Braque zette Picasso in het Catalaanse bergdorp Ceret de schilderkunst op haar grondvesten met het analytisch kubisme. In The Accordionist (L’Accordeoniste), te bewonderen in het Solomon R. Guggenheim Museum in New York, ontleedde hij een zittende muzikant in tientallen overlappende, geometrische vlakken en monochrome bruin- en grijstonen. De werkelijkheid is zover gefragmenteerd dat zelfs tijdgenoten dachten dat het een abstract schilderij betrof; de toeschouwer moet aandachtig speuren naar herkenningspunten zoals de plooibalg van de trekzak, de knoppen en de leuning van de stoel.

5. The Weeping Woman (1937)

In het najaar van 1937, kort na de voltooiing van Guernica, richtte Picasso zijn woede over de Spaanse Burgeroorlog op een intiemer formaat. The Weeping Woman (La Femme qui pleure), een van de pronkstukken van Tate Modern in Londen, toont zijn toenmalige geliefde, de fotografe Dora Maar. Picasso zag in haar emotionele uitbarstingen het universele symbool van het rouwende Spaanse volk.

Haar gezicht is verscheurd in scherpe, gekartelde scherven en giftige contrasten van zuurgroen, paars en felgeel. De vrouw bijt krampachtig op haar eigen zakdoek, terwijl tranen als glazen pegels langs haar wangen stromen. Het werk geldt als een van de meest rauwe en indringende verbeeldingen van menselijk leed uit de moderne kunstgeschiedenis.

4. Girl Before a Mirror (1932)

In Girl Before a Mirror (Jeune fille devant un miroir), een topstuk van het Museum of Modern Art in New York, verkent Picasso het klassieke vanitas-motief van jeugd en sterfelijkheid. We zien Marie-Therese Walter die zichzelf bewondert in een passpiegel. Aan de linkerzijde straalt haar profiel in kalme lila- en roze tinten als een symbool van jeugdige onschuld en schoonheid. Haar spiegelbeeld toont echter een heel ander, verontrustend beeld: een donkerder, verscheurd gezicht vol felle kleuren en groene schaduwen, waarin angst en vergankelijkheid doorschemeren. De zware zwarte contourlijnen en ruitpatronen roepen de sfeer op van gebrandschilderde glas-in-loodramen.

3. The Old Guitarist (1903-1904)

Tijdens een bittere winter in Barcelona schilderde Picasso The Old Guitarist, het bekendste doek uit zijn blauwe periode. Een blinde, broodmagere grijsaard zit met gekruiste benen op de stoep, wanhopig vastgeklampt aan een grote ronde gitaar. De man lijkt bijna vergroeid met zijn instrument: de bruine klankkast is het enige element op het doek dat een sprankje warmte uitstraalt te midden van de ijzige, blauwe ellende.

Onderzoek met rontgen- en infraroodstraling door het Art Institute of Chicago onthulde een fascinerend geheim: wegens chronisch geldgebrek hergebruikte Picasso het doek. Onder de gitaarspeler ontdekten conservatoren eerdere, overgeschilderde voorstellingen van een jonge moeder met een kind, een stier en een man met een hoed, een tastbaar bewijs van zijn vroege strijd om te overleven.

2. Guernica (1937)

Op 26 april 1937 bombardeerde het Duitse Legioen Condor in opdracht van generaal Franco het weerloze Baskische stadje Guernica, met honderden burgerslachtoffers tot gevolg. Verbrijzeld door woede schilderde Picasso in opdracht van de Spaanse republikeinse regering binnen een maand een reusachtig doek van bijna acht meter breed en drieënhalve meter hoog.

Guernica bant elke vorm van kleur uit: het schilderij is geheel uitgevoerd in grisaille (zwart, wit en grijstinten), wat het de rauwe urgentie van een fotografisch krantenbericht geeft. Tussen de vlammen en instortende daken zien we een huilende moeder met haar dode kind, een stervend paard dat doorboord is met een lans en een krijger met een gebroken zwaard. Toen een nazi-officier tijdens de bezetting van Parijs een foto van het schilderij in Picasso’s atelier zag en vroeg: ‘Heeft u dit gemaakt?’, antwoordde de schilder gevat: ‘Nee, dat heeft u gedaan’. Het werk hangt tegenwoordig in het Museo Reina Sofia in Madrid.

1. Les Demoiselles d’Avignon (1907)

Geen enkel schilderij in de twintigste eeuw veroorzaakte een grotere schokgolf dan Les Demoiselles d’Avignon, geschilderd in zijn atelier in Montmartre. De titel verwees naar Carrer d’Avinyo, een beruchte bordeelstraat in Barcelona. Picasso brak in een klap met vijfhonderd jaar westerse kunsttraditie: het klassieke lijnperspectief, de anatomische verhoudingen en het gangbare schoonheidsideaal werden genadeloos overboord gegooid.

Vijf naakte sekswerkers staren de toeschouwer uitdagend en agressief aan met gefragmenteerde, hoekige lichamen die lijken op gebroken glas. De gezichten van de twee rechterfiguren verving Picasso halverwege door angstaanjagende maskers, geinspireerd door Afrikaanse en Oceanische tribale kunst die hij had bestudeerd in het etnografisch museum van Parijs. Zelfs zijn meest trouwe bewonderaars, zoals Henri Matisse en Georges Braque, reageerden aanvankelijk met afgrijzen en vreesden dat Picasso krankzinnig was geworden.

Toch luidde dit doek de geboorte in van het kubisme en de moderne kunst. Het schilderij werd pas in 1916 voor het eerst publiekelijk tentoongesteld en hangt sinds 1939 als een van de grootste publiekstrekkers in het Museum of Modern Art in New York, waar het nog altijd geldt als het meest radicale meesterwerk uit zijn oeuvre.

Meer beroemde schilders

Meer in Kunst

Reacties (1)

Eén reactie

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Populair in Boeken, Kunst & Games