Vrijwel alles wat een moderne dag draaglijk maakt, is ooit door iemand bedacht. Licht bij het indrukken van een knop, een stem uit een apparaat, een vliegtuig dat je in twaalf uur naar de andere kant van de wereld brengt.
Achter die uitvindingen zitten mensen met opmerkelijke levens, en vaak ook met verhalen die door de jaren heen flink zijn opgepoetst. Dit zijn tien uitvinders die de wereld hebben veranderd, met de feiten erbij.
10. Thomas Edison

Thomas Edison werd op 11 februari 1847 geboren in Milan, Ohio, als jongste van zeven. Zijn schoolcarrière duurde een paar maanden, waarna zijn moeder het overnam. Als tiener werkte hij op de trein, waar hij een scheikundelaboratorium in een bagagewagen inrichtte tot hij daar brand stichtte en op straat stond.
Zijn eerste patent, in 1869, was een elektrische stemmenteller voor parlementen. Niemand wilde hem hebben, en Edison besloot daarna nooit meer iets te maken waar geen markt voor was. Dat werd zijn handelsmerk. In 1877 kwam de fonograaf, in 1879 de gloeilamp met koolstofdraad die lang genoeg brandde om verkoopbaar te zijn.
Die gloeilamp had hij niet als eerste bedacht. Humphry Davy demonstreerde het principe al in 1802 en de Brit Joseph Swan had een werkende lamp voordat Edison die had. Swan won in Engeland zelfs een octrooizaak, waarna de twee gedwongen samengingen in het bedrijf Ediswan. Wat Edison wél deed, was er een compleet systeem omheen bouwen: centrales, kabels, meters en fittingen. In zijn laboratorium in Menlo Park werkten tientallen mensen aan wat uiteindelijk 1.093 Amerikaanse patenten opleverde.
Het beeld van Edison als overtuigd pacifist klopt niet. Tijdens de Eerste Wereldoorlog leidde hij de Naval Consulting Board en werkte hij aan zo’n veertig militaire projecten, van onderzeebootdetectie tot torpedomechanismen. Hij stierf op 18 oktober 1931, 84 jaar oud, aan complicaties van diabetes.
9. De gebroeders Wright
Wilbur (1867-1912) en Orville (1871-1948) Wright waren zonen van een bisschop en runden een fietsenzaak in Dayton, Ohio. Dat laatste was geen bijzaak: aan fietsen leerden ze dat een voertuig dat uit zichzelf instabiel is prima bestuurbaar kan zijn, mits de bestuurder de juiste knoppen heeft.
Daar zat hun eigenlijke doorbraak. Anderen bouwden krachtiger motoren, de Wrights bouwden besturing. Ze bedachten het verwringen van de vleugeltippen om te rollen, koppelden dat aan een roer en hadden daarmee als eersten controle over alle drie de assen. Toen bestaande tabellen over draagkracht niet bleken te kloppen, timmerden ze een eigen windtunnel in elkaar en maten ruim tweehonderd vleugelprofielen door. De motor bouwde hun werkplaatsmedewerker Charlie Taylor in zes weken.
Op 17 december 1903 vloog de Flyer bij Kitty Hawk twaalf seconden en 37 meter. De vierde vlucht van die dag duurde al 59 seconden. Hun zus Katharine, de enige met een universitaire opleiding in het gezin, regelde jarenlang hun correspondentie en zakelijke afspraken.
In 1909 vloog Wilbur rond het Vrijheidsbeeld en daarna de Hudson op, gezien door een miljoen New Yorkers. Hun patent kregen ze in 1906 gewoon toegekend; het probleem was juist dat ze het jarenlang met processen verdedigden tegen iedereen die ook vloog, wat de Amerikaanse luchtvaart aantoonbaar heeft vertraagd. Wilbur stierf in 1912 aan tyfus, Orville in 1948 aan een hartaanval. Geen van beiden trouwde.
8. Benjamin Franklin

Benjamin Franklin (1706-1790) was het vijftiende kind van zeventien en werkte als jongen in de drukkerij van zijn broer James. Toen die zijn ingezonden stukken weigerde, schoof Franklin ze onder de deur door onder de naam Silence Dogood, een verzonnen weduwe. James drukte ze, tot hij ontdekte wie erachter zat. De ruzie die volgde was de reden dat de zeventienjarige Franklin naar Philadelphia vertrok.
Zijn bekendste proef, de vlieger in het onweer van 1752, wordt vaak verkeerd naverteld. Franklin hield de sleutel niet vast tijdens een blikseminslag; dat zou hem gedood hebben. De vlieger ving lading uit een onweerswolk op, waarna hij vonken kon trekken uit een sleutel aan een droog zijden koord. Uit dat inzicht kwam de bliksemafleider, waarschijnlijk zijn nuttigste uitvinding en meteen een van de eerste keren dat wetenschap een alledaags gevaar wegnam.
Hij bedacht verder de Franklin-kachel, de dubbelfocusbril, een buigzame blaaskatheter voor zijn zieke broer en de glasharmonica, een instrument waar Mozart en Beethoven voor schreven. Patent vroeg hij nooit aan: wie profijt heeft van andermans vinding, vond hij, moet zijn eigen vindingen ook weggeven. Later werd hij de enige die zowel de Onafhankelijkheidsverklaring als de Amerikaanse grondwet ondertekende.
7. Nikola Tesla

Nikola Tesla werd op 10 juli 1856 geboren als etnische Serviër in Smiljan, destijds Oostenrijks grondgebied en tegenwoordig Kroatië. Hij studeerde in Graz, brak die studie af en kwam in 1884 in New York aan om voor Edison te werken. Volgens Tesla was hem vijftigduizend dollar beloofd voor het herontwerpen van Edisons dynamo’s; toen hij het geld opeiste, kreeg hij te horen dat hij de Amerikaanse humor niet begreep. Hij nam ontslag.
Daarna kwam de stroomoorlog. Edison zette in op gelijkstroom, Tesla op wisselstroom, die over grote afstanden veel minder verlies geeft. George Westinghouse kocht in 1888 zijn patenten, verlichtte in 1893 de wereldtentoonstelling in Chicago en bouwde in 1895 de centrale bij de Niagarawatervallen. Tesla won, en daarom komt er nu wisselstroom uit je stopcontact.
Hij hield zich ook bezig met radiotechniek. Marconi kreeg de eer en de Nobelprijs, maar het Amerikaanse Hooggerechtshof oordeelde in 1943 dat een aantal van Marconi’s patenten voortbouwde op eerder werk van Tesla. In de jaren negentig van de negentiende eeuw experimenteerde hij met röntgenstraling en beschreef hij de huidschade die zijn proefpersonen opliepen, jaren voordat men die risico’s serieus nam.
Tesla sliep naar eigen zeggen twee uur per nacht, at alleen, leefde op melk en brood en had een dwangmatige fixatie op het getal drie. Hij stierf op 7 januari 1943, berooid, in een hotelkamer in New York.
6. Charles Babbage

Charles Babbage, geboren op tweede kerstdag 1791 in Londen, ergerde zich aan de fouten in de wiskundige tabellen waar zeelui en ingenieurs op vertrouwden. Die tabellen werden met de hand berekend en overgeschreven, en er zat altijd wel iets mis. Zijn oplossing was radicaal: laat een machine het doen.
In 1822 begon hij aan de Difference Engine, die met tandwielen polynomen kon uitrekenen en de uitkomst direct in een drukvorm kon slaan, zodat ook de zetter geen fouten meer kon maken. Het project verzandde. Belangrijker was wat hij daarna bedacht: de Analytical Engine, met een geheugen, een rekeneenheid en instructies op ponskaarten. Dat is in de kern de opbouw van elke computer die er nu staat.
Ada Lovelace, die zijn werk in 1843 vertaalde, voegde aantekeningen toe die langer waren dan de tekst zelf. Daarin staat een methode om de machine Bernoulli-getallen te laten berekenen, doorgaans aangemerkt als het eerste computerprogramma. Zij zag bovendien iets wat Babbage zelf niet zag: dat zo’n machine met symbolen kon werken en dus ook muziek zou kunnen componeren.
Gebouwd werd er in zijn leven vrijwel niets. Pas in 1991 zette het Londense Science Museum een Difference Engine in elkaar volgens zijn oorspronkelijke tekeningen, met de techniek van zijn eigen tijd. Hij werkte foutloos. Babbage stierf in 1871, verbitterd, en had acht kinderen van wie er vier de kindertijd overleefden.
5. James Watt

James Watt werd op 19 januari 1736 geboren in Greenock en maakte instrumenten voor de universiteit van Glasgow. Toen hij daar in 1763 een schaalmodel van een Newcomen-stoommachine moest repareren, viel hem op hoe verschrikkelijk verkwistend het ding was: bij elke slag werd de hele cilinder verhit en daarna weer afgekoeld.
Tijdens een wandeling over Glasgow Green in 1765 kreeg hij de oplossing. Laat de stoom condenseren in een aparte, koude kamer, zodat de cilinder heet kan blijven. Dat ene idee verviervoudigde het rendement. Het patent volgde in 1769 en werd later door het parlement verlengd tot 1800.
Zonder Matthew Boulton was er niets van terechtgekomen. Die Birminghamse fabrikant financierde hem, bouwde de machines en verhuurde ze tegen een derde van de brandstofkosten die de klant uitspaarde. Watt bedacht ook het begrip pk, om zijn machines te kunnen vergelijken met de paarden die ze vervingen. De eenheid watt is naar hem vernoemd. Hij stierf op 25 augustus 1819, 83 jaar oud en vermogend.
4. Alexander Graham Bell

Bell werd in 1847 in Edinburgh geboren en groeide op met geluid als familiezaak: zijn vader ontwikkelde een schriftsysteem voor spraakklanken, zijn moeder was slechthorend. Later trouwde hij met Mabel Hubbard, die op haar vijfde doof was geworden. Hij gaf zijn hele leven les aan dove kinderen en beschouwde dat als zijn eigenlijke beroep.
Op 7 maart 1876 kreeg hij het telefoonpatent, een paar uur voordat Elisha Gray met vrijwel hetzelfde idee bij hetzelfde kantoor aanklopte. Drie dagen later klonk de beroemde zin door de lijn, van de ene kamer naar de andere: mijnheer Watson, kom hier, ik wil u zien. Pas in augustus van dat jaar volgde de eerste verbinding over een langere afstand, in Ontario.
Bell zag zijn telefoon vooral als een sta-in-de-weg en weigerde er een in zijn werkkamer. Zelf vond hij de fotofoon, waarmee hij spraak over een lichtstraal verstuurde, zijn beste uitvinding. Hij stierf op 2 augustus 1922 op zijn landgoed Beinn Bhreagh in Nova Scotia, Canada. Bij zijn begrafenis legde het complete Noord-Amerikaanse telefoonnet een minuut lang stil.
3. Leonardo da Vinci

Leonardo werd in 1452 geboren als buitenechtelijk kind van een notaris en een boerenvrouw, wat betekende dat hij geen Latijn leerde en het universitaire circuit nooit in kwam. Hij moest alles zelf uitzoeken, door te kijken en te meten, en juist dat maakte zijn werk anders dan dat van zijn tijdgenoten.
Op zijn veertiende kwam hij in het atelier van Verrocchio in Florence terecht. Vanaf 1482 werkte hij in Milaan voor Ludovico Sforza, waar hij schilderde, feesten ontwierp en tussendoor lijken ontleedde. Zijn notities schreef hij in spiegelschrift, met de linkerhand.
Twee hardnekkige verhalen kloppen niet helemaal. Zijn luchtschroef was geen blauwdruk voor de helikopter en zou nooit gevlogen hebben. En hij ontdekte niet hoe het bloed door het lichaam stroomt; dat deed William Harvey pas in 1628. Wat Leonardo wél deed, was de werking van de aortaklep tekenen, inclusief de wervelingen die het bloed erachter maakt. Moderne scanapparatuur bevestigde in de twintigste eeuw dat hij het bij het rechte eind had.
Zijn grootste beperking was dat vrijwel niets van dit alles werd gepubliceerd. Zijn duizenden bladen bleven eeuwenlang in privéverzamelingen liggen, waardoor zijn techniek de geschiedenis nauwelijks heeft beïnvloed. In 1516 nodigde de Franse koning hem uit naar Amboise, waar hij in 1519 stierf. Eerder schreven we al over de uitvindingen van Leonardo Da Vinci.
2. Galileo Galilei

Galileo werd in 1564 in Pisa geboren, begon aan een studie geneeskunde en stapte over op wiskunde. Achttien jaar lang was hij hoogleraar in Padua, waar hij vallende lichamen, slingers en versnelling onderzocht en de basis legde voor wat later de bewegingsleer van Newton zou worden.
De telescoop vond hij niet uit. Dat eer gaat naar de Nederlanden, waar Hans Lipperhey uit Middelburg er in 1608 patent op aanvroeg. Galileo hoorde ervan, bouwde in 1609 een veel betere versie en richtte hem als eerste systematisch op de hemel. Wat hij zag, sloopte het wereldbeeld: bergen op de maan, vier manen rond Jupiter en, doorslaggevend, de schijngestalten van Venus, die alleen kunnen bestaan als Venus om de zon draait.
De ringen van Saturnus zag hij ook, maar zijn kijker was niet sterk genoeg om ze te herkennen. Hij noteerde dat de planeet oren leek te hebben. Christiaan Huygens loste het raadsel in 1655 op.
In 1633 werd Galileo veroordeeld wegens verdenking van ketterij en gedwongen zijn opvattingen te herroepen. Gevangen zat hij nauwelijks; de rest van zijn leven bracht hij door onder huisarrest in zijn villa bij Florence, waar hij zijn belangrijkste natuurkundige boek nog schreef. Dat hij na de veroordeling mompelde dat de aarde toch beweegt, is een mooi verhaal dat pas ruim honderd jaar na zijn dood voor het eerst opduikt. Hij stierf in januari 1642, 77 jaar oud.
1. Tim Berners-Lee
Van alle namen in deze lijst is die van Tim Berners-Lee de minst bekende, terwijl je zijn uitvinding op dit moment gebruikt. Hij werd op 8 juni 1955 in Londen geboren als zoon van twee wiskundigen die samen aan een van de eerste commerciële computers hadden gewerkt, studeerde natuurkunde in Oxford en kwam terecht bij CERN, het Europese laboratorium voor deeltjesfysica bij Genève.
Daar liep hij tegen een praktisch probleem aan. Duizenden onderzoekers, allemaal met hun eigen computers, systemen en documentformaten, en niemand die iets kon terugvinden. In maart 1989 schreef hij een voorstel dat zijn baas van commentaar voorzag met de aantekening dat het vaag maar interessant was. Eind 1990 draaide het eerste web: een browser, een server en de eerste website op info.cern.ch, op een NeXT-computer die hij van een sticker voorzag met het verzoek hem niet uit te zetten.
Het internet zelf was er toen al ruim twintig jaar. Wat Berners-Lee toevoegde was het wereldwijde web: de webpagina, de link en het webadres. De beslissende stap kwam in 1993, toen CERN op zijn aandringen de techniek rechtenvrij vrijgaf. Had het bedrijf ernaast een licentie gevraagd, dan had het web er totaal anders uitgezien.
Hij richtte het W3C op, dat de standaarden voor het web vastlegt, werd in 2004 geridderd en kreeg in 2016 de Turing Award. Tijdens de opening van de Olympische Spelen van 2012 zat hij midden in het stadion achter een computer en typte hij vier woorden die op de tribunes verschenen: dit is voor iedereen.

De meest niet kloppende lijst van deze site
Veel mensen moeten weten:
– Thomas Edison heeft de gloeilamp verbeterd Joseph Swan was de echte uitvinder.
– Otto Lilienthal was eerder klaar met een vliegtuig dus niet de wright brothers.
– Antonio Meucci was de echte uitvinder van de Telefoon maar kon geen patent aanvragen. Toen Bell dat wel lukte probeerde hij het patent terug te krijgen maar stierf hij.
– Galileo Galilei heeft niet de telescoop uitgevonden maar door Hans Lipperhey uit Nederland.
Verder ben ik het sowieso niet eens met deze lijst.
Ben ik de enige die nobel en einstein mist?
einstein
Of in ieder geval etien lenoir, hij maakte de eerste auto
En Karl Benz en Gottlieb Daimler van de auto dan?
Einstein is geen uitvinder, maar een wetenschapper. Nobel is vooral bekend vanwege de Nobelprijs.
ik zocht voor ander informatie
top ik doe mijn uitdaging
Nicholaas-Johannus Cugnot vond de automobiel uit.
George Cayley was de uitvinder van het zweefvliegtuig. Otto Lienthal verbeterde het. En een zweegvliegtuig is officeel geen vliegtuig.
dat is geen uitvinder maar een wetenschapper
het is intresant voor een spreekbeurt
nee
;szjfdbgzslogfdnbz’xlcknhg’zslcxknh
adzn;hbzahsz
fgh
zsg;nhfzsf
dh;thgd
tgfg
tg
fidget spinner moet er in
🙂
stom
war dat wist ik niet
en einstein dan die was ook heel erg goed we hebben dankzij hem de tv en nog veel meer zoals de dvdspeler
Er staat een foutje in. Bij de gebroeders Wright staat er dat Wilbur Wright geboren is in 1667 maar dit moet zijn 1867.
mooi om een werkstuk mee te maken
Plop
Bell vond te telfoon niet uit dat was muesi
dixi
alle kliko’s en dixi’s op een rijtje
Ik mis toch écht Michael Farraday!
Nee
Bell vond de telefoon niet uit dat was peter pannekoek voordat hij boodschappen ging doen
Lijst is niet juist.
De engelsen zijn vol van plagiaat. Veel Nederlandse uitvindingen zijn geclaimed door engelsen.
Tim Berners Lee, de man die heeft het internet niet uitgevonden.. dat was een team van CERN, hij was de eerste die op de knop drukte. Storend en dit wordt dan ook geroepen op het introductie filmpje van de Olympische spelen.. zodat de hele wereld het geloofd.
Zo zou ook de trein zijn uitgevonden, terwijl de kolenmijnen dit al lang hadden.
doe niet zo boos om een stomme lijist en als het niet waar is wrm rea je dan
wie dit leest is een nurt
echt niet
Ik kan me bijna niet voorstellen dat Wilbur Wright heeft geleefd van 1667 tot 1912
hoi ik ben heel erg dom
het waren best coole foto´s en ik weet nu heel veel dankjewel voor de gene die de wepsite heeft gemaakt
dan ku
nnnoooooooooooooooooob
top rg4r
top rg4rku hbn
vinted is ook een goede uitvinding:)
albert einstein is de beste albert einstein!!!!!!!
eeeeeee
waarom staat phillips niet eerste
van de gloeilamp
dubbelfrris is griepje lekkah
vindje van niet hou dan je bekkah
leuk
😉
hou je bek je liegt
taalgebruik
hoe oud ben jij? een vijf jarige die stoer wil doen?!
je oma is echt raar
ze stinkt naar pruimen sap oké laat haar
je oma stinkt naar pruimen sap bro
je moeder is lelijk
nee bro ze is echt tering lekker:>
je moeder is dik
notenpapier is wel lekker
aardbei schil kan je likken
manderijn is wel lekker met mostert
bannaan jam
appel poeder
je moeder
drink ice koffie panic attack
drink red bull gay
ik zuig appels
jo
Sukkels
maar hij heeft wel een deel daarvan uitgevonden hoor
niet waar