Het Franse chanson bezit een unieke kracht: met een combinatie van poëtische verhaalkunst, weemoed en een theatrale voordracht weet het luisteraars over de hele wereld te raken, zelfs zonder dat men elk Frans woord verstaat. Van de rokerige cabarets in het naoorlogse Parijs tot de strakke elektronische beats van hedendaagse chansonniers: de Franstalige muziekgeschiedenis barst van de tijdloze meesterwerken. Dit zijn de tien mooiste en meest invloedrijke Franse liedjes aller tijden, aftellend naar de nummer één.
10. Michel Sardou – Les Lacs du Connemara (1981)
Een Frans popnummer over het ruige westen van Ierland lijkt een merkwaardige combinatie, maar groeide uit tot een van de meest gedraaide feestnummers van Europa. Componist Jacques Revaux had een melodie geschreven die deed denken aan Schotse doedelzakken, maar omdat er in de studio geen Schotse documentatie voorhanden was, verplaatste tekstschrijver Pierre Delanoë het decor naar de meren van Connemara in County Galway.
Het epos duurt ruim zes minuten en bouwt geleidelijk op van een plechtige orkestrale opening naar een wervelende Keltische volksdans vol scheurende synthesizers en doedelzakken. In Frankrijk en België is het lied al decennialang het vaste sluitstuk van studentenfeesten en bruiloften, waarbij de feestgangers traditiegetrouw massaal met witte servetten zwaaien op het ritme van de finale.
9. Patrick Bruel – Casser la voix (1989)
Patrick Bruel schreef dit nummer na een slopend optreden op het festival Francofolies in La Rochelle, waar hij na afloop letterlijk geen stem meer overhad. Gefrustreerd door de vermoeidheid en de vluchtigheid van het artiestenbestaan zette hij zijn emoties om in een rauwe noodkreet. De combinatie van akoestische gitaren en een hees geschreeuwd refrein ontketende in Frankrijk een ongekende ‘Bruelmania’, waarmee de zanger in één klap uitgroeide van tieneridool tot gerespecteerd chansonnier.
8. Françoise Hardy – Tous les garçons et les filles (1962)
Françoise Hardy was pas achttien jaar oud toen ze met een eenvoudige akoestische gitaar en vier basisakkoorden dit breekbare liedje opnam. Waar tijdgenoten in de vroege jaren zestig kozen voor uitbundige, door Amerikaanse rock-‘n-roll geïnspireerde yéyé-muziek, bezong Hardy juist de stille pijn van de buitenstaander.
In sobere bewoordingen beschrijft ze hoe verliefde stelletjes hand in hand over straat lopen en plannen maken voor de toekomst, terwijl zijzelf eenzaam over het trottoir dwaalt en zich afvraagt wanneer iemand van haar zal houden. Toen het nummer op een zondagavond werd uitgezonden tijdens de stemuitslagen van een nationaal referendum, werd Hardy van de ene op de andere dag een ster en gingen er binnen enkele maanden miljoenen exemplaren van over de toonbank.
7. France Gall – Poupée de cire, poupée de son (1965)
De ontmoeting tussen het zeventienjarige popidool France Gall en het enfant terrible van de Franse muziek, Serge Gainsbourg, leverde een historisch Songfestivalmoment op. Gainsbourg schreef het nummer voor Gall als inzending voor Luxemburg op het Eurovisiesongfestival van 1965 in Napels.
Het nummer brak radicaal met de trage orkestballads die het festival tot dan toe domineerden en introduceerde een nerveuze, opzwepende popbeat. Tekstueel zat het nummer vol dubbele bodems: Gainsbourg liet het jonge meisje zingen dat ze slechts een ‘wassen pop’ en een ‘pop gevuld met zaagsel’ was die liedjes over de liefde zong zonder zelf ooit de liefde te hebben ervaren. Het werd de allereerste moderne popsong die het festival won en zette een nieuwe standaard voor de Europese popmuziek.
6. Joe Dassin – Les Champs-Élysées (1969)
Oorspronkelijk was dit nummer een bescheiden Britse popsong genaamd Waterloo Road van de band Jason Crest. De in New York geboren zanger Joe Dassin, zoon van de beroemde filmregisseur Jules Dassin, hoorde het lied en liet tekstschrijver Pierre Delanoë een Franse tekst schrijven over de bekendste laan van Parijs.
De onweerstaanbare melodie en de vrolijke beschrijving van een toevallige ontmoeting tussen twee vreemdelingen die samen de nacht in dansen, maakten van het nummer een muzikaal ansichtkaartje van Frankrijk. Het refrein groeide uit tot een van de meest herkenbare meezingers uit de Europese muziekgeschiedenis.
5. Michel Fugain – Une belle histoire (1972)
Michel Fugain en zijn bonte artiestencollectief Le Big Bazar vingen in 1972 de ultieme sfeer van een zonovergoten zomervakantie. Het nummer vertelt over een jongeman die noordwaarts reist en een meisje dat naar het zuiden trekt; ze ontmoeten elkaar op een rustplaats langs de Autoroute du Soleil, beleven een intense romance op het warme korenveld en nemen na afloop zonder drama weer afscheid om hun eigen weg te vervolgen.
Met zijn akoestische gitaarloopjes en optimistische koorzang belichaamde het nummer de vrijheidsdrang en onbezorgdheid van de vroege jaren zeventig. In Nederland verwierf het lied later een tweede leven dankzij de succesvolle vertaling van Gerard Cox (Een mooi verhaal).
4. Stromae – Formidable (2013)
De Brusselse artiest Paul Van Haver, beter bekend als Stromae, bewees dat het klassieke Franstalige chanson moeiteloos kan samensmelten met hedendaagse hiphop en elektronische dansmuziek. De lancering van Formidable begon met een spraakmakende video waarin Stromae op een regenachtige ochtend schijnbaar stomdronken over het Louizaplein in Brussel strompelde, terwijl omstanders en bezorgde politieagenten toekeken.
De beelden bleken onderdeel van de officiële videoclip, maar onder de publiciteitsstunt schuilt een diep tragische tekst. Stromae bezingt de existentiële leegte en wanhoop van een man die na een verbroken relatie de grip op zijn leven volledig kwijt is. Zijn theatrale stemgebruik en scherpe observaties over eenzaamheid leverden hem direct vergelijkingen op met landgenoot Jacques Brel.
3. Charles Aznavour – La Bohème (1965)
Charles Aznavour schreef dit lied samen met tekstschrijver Jacques Plante voor een nooit gerealiseerde operette, maar maakte er op eigen kracht een van de grootste klassiekers van het Franse levenslied van. Het nummer schetst met intense weemoed de herinneringen van een ouder wordende schilder aan zijn jonge jaren op de heuvel van Montmartre.
De tekst beschrijft een leven vol ontberingen waarin de huur niet kon worden betaald en schilders en modellen dagenlang op een schraal dieet leefden, maar waarin de artistieke vrijheid en de liefde alles goedmaakten. Tijdens live-optredens bracht Aznavour het lied met een ongeëvenaarde mimiek, waarbij hij aan het einde een denkbeeldig zakdoekje liet vallen als symbool voor de vervlogen jeugd.
2. Jacques Brel – Ne me quitte pas (1959)
Hoewel Jacques Brel een rasechte Brusselaar was, leverde hij met Ne me quitte pas een van de invloedrijkste teksten uit de Franstalige muziekgeschiedenis af. Het lied ontstond na de pijnlijke breuk met zijn minnares Suzanne Gabriello, die zwanger van hem was geraakt en door Brel werd verlaten.
Brel zelf weigerde het werk later overigens een liefdeslied te noemen; hij zag het veeleer als een genadeloze ontleding van de lafheid en vernedering van een man die bereid is zichzelf volledig weg te cijferen om een vrouw bij zich te houden (“laat me de schaduw van je schaduw worden”).
De rauwe wanhoop waarmee Brel de tekst zong, overgaand van een fluisterend gebed naar een bijna schreeuwend smeekbede, maakte diepe indruk. Het nummer werd wereldwijd gecoverd door artiesten van Frank Sinatra en Nina Simone tot Sting, maar geen enkele vertolking evenaarde de breekbare intensiteit van het origineel.
1. Edith Piaf – Non, je ne regrette rien (1960)
In het najaar van 1960 was de legendarische zangeres Edith Piaf fysiek een wrak. Getekend door auto-ongelukken, alcohol- en morfineverslaving en ernstige maagzweren lag ze doodziek in haar appartement aan de Boulevard Lannes en leek haar zangcarrière definitief voorbij. Ze weigerde wekenlang componisten te ontvangen, totdat Charles Dumont en tekstschrijver Michel Vaucaire erin slaagden haar woonkamer binnen te dringen.
Toen Dumont aan de piano de eerste akkoorden aansloeg van Non, je ne regrette rien, gebeurde er een wonder. Piaf veerde op uit haar stoel en riep uit dat dit het lied was waar ze haar hele leven op had gewacht. Het nummer was geen melancholische terugblik, maar een trotse, strijdbare verklaring: wat er in het verleden ook aan verdriet, fouten en liefdesleed was gebeurd, ze veegde het allemaal van tafel om met een schone lei opnieuw te beginnen.
Enkele maanden later zong Piaf het lied tijdens haar historische reeks concerten in het Parijse Olympia-theater. Haar krachtige stemgeluid bracht de zaal avond aan avond in vervoering en redde het beroemde theater van een faillissement. Het nummer geldt tot op de dag van vandaag als het ultieme manifest van de Franse chansonkunst.

Reageren