Ieder land heeft zo zijn eigen landschap: van torenhoge bergketens tot uitgestrekte kustlijnen. Waar sommige naties kilometers boven de wolken liggen, bevinden andere zich gevaarlijk dicht bij of zelfs deels onder de zeespiegel. Vooral voor eilandstaten en kustnaties brengt een lage ligging grote ecologische en infrastructurele uitdagingen met zich mee.
Bekijk ook de top 10 hoogstgelegen landen ter wereld
10. Estland – 61 meter boven zeeniveau

Met meer dan tweeduizend eilanden voor de kust en een overwegend vlakke kustlijn langs de Oostzee behoort Estland tot de laagstgelegen landen van Europa. Het landschap werd duizenden jaren geleden gevormd door terugtrekkende gletsjers uit de laatste ijstijd, die het terrein afvlakten en talloze meren, moerassen en veengebieden achterlieten.
Het hoogste punt van de Baltische staat is de Suur Munamägi, een bescheiden heuvel in het zuidoosten die reikt tot 318 meter boven de zeespiegel. Doordat grote delen van het noorden en westen van Estland nauwelijks boven de branding uitsteken, blijft de landelijke gemiddelde hoogte steken op slechts 61 meter.
9. Denemarken – 34 meter boven zeeniveau

Vrijwel overal in Denemarken ruik je de zee; geen enkel punt in het land ligt verder dan tweeënvijftig kilometer van de kust. Het koninkrijk bestaat uit het schiereiland Jutland en meer dan vierhonderd eilanden, waardoor het water het landschap dicteert. Echte bergen kent Denemarken niet; glooiende heuvels, zandstranden en duinen bepalen het uitzicht.
Het hoogste natuurlijke punt van het land is de Møllehøj, die met een top van slechts 170,86 meter nauwelijks een heuvel genoemd mag worden. Aan de andere kant van het spectrum ligt de Lammefjord op het eiland Seeland. Deze voormalige zeearm werd in de negentiende eeuw ingepolderd en is met zeven meter onder zeeniveau het laagste punt van de Europese Unie.
8. Gambia – 34 meter boven zeeniveau

Als een smalle, kronkelende strook land van zelden meer dan vijftig kilometer breed volgt Gambia de loop van de gelijknamige rivier. Het kleinste land op het Afrikaanse vasteland is aan drie zijden volledig omsloten door Senegal en heeft zijn merkwaardige grenzen te danken aan koloniale verdragen tussen Groot-Brittannië en Frankrijk.
Omdat het land vrijwel uitsluitend bestaat uit het vruchtbare stroomdal van de Gambia-rivier, ontbreken heuvels of rotsformaties nagenoeg volledig. Het hoogste punt van Gambia ligt op een bescheiden drieënvijftig meter boven de zeespiegel. Het overgrote deel van het landoppervlak bestaat uit mangrovebossen, moerassen en uiterwaarden die bij hoogwater regelmatig overstromen.
7. Nederland – 30 meter boven zeeniveau

De officiële landsnaam verklapt het al eeuwen: Nederland behoort wereldwijd tot de absolute koplopers als het gaat om een lage ligging. Ongeveer zesentwintig procent van ons landoppervlak bevindt zich daadwerkelijk onder de zeespiegel, en bijna zestig procent is gevoelig voor overstromingen vanuit zee of de grote rivieren. Het laagste punt bevindt zich in de Zuidplaspolder bij Nieuwerkerk aan den IJssel, op maar liefst 6,76 meter onder Normaal Amsterdams Peil.
Dat Nederland desondanks een van de dichtstbevolkte en meest welvarende naties ter wereld is, danken we aan eeuwenlang waterbeheer. Dankzij een ingenieus stelsel van dijken, gemalen, inpolderingen en de wereldberoemde Deltawerken houden we de voeten droog. Zonder deze barrières zou het economische hart van de Randstad vandaag de dag grotendeels onder water staan.
6. Qatar – 28 meter boven zeeniveau

Het woestijnachtige schiereiland Qatar steekt als een duim uit in de Perzische Golf en kent nauwelijks noemenswaardige hoogteverschillen. Het landschap bestaat hoofdzakelijk uit een dorre, met grind en zand bedekte kalksteenvlakte die geleidelijk oploopt vanaf de ondiepe kustwateren.
Het hoogste punt van het emiraat is de Qurayn Abu al Bawl, een zandstenen heuvel in het zuiden die reikt tot slechts 103 meter boven zeeniveau. Door de totale afwezigheid van heuvelruggen en de lange kustlijn aan drie kanten blijft het landsgemiddelde steken op een minimale achtentwintig meter.
5. Singapore – 15 meter boven zeeniveau

Ondanks een wereldberoemde skyline vol futuristische wolkenkrabbers is het eilandstaatje Singapore van nature uitzonderlijk plat. Het land ligt aan de zuidpunt van het Maleisische schiereiland en bestaat uit één hoofdeiland en tientallen kleinere eilandjes. Het hoogste natuurlijke punt is Bukit Timah Hill, met een top van slechts 163 meter.
Om de enorme bevolkingsdichtheid en economische groei te faciliteren, wint Singapore al decennialang op grote schaal land terug op zee. Door deze zogeheten landwinning is het totale oppervlak sinds de onafhankelijkheid in 1965 met bijna vijfentwintig procent gegroeid. Doordat deze nieuwe polders en haventerreinen vlak langs de waterlijn liggen, daalt de gemiddelde nationale hoogte alleen maar verder.
4. Marshalleilanden – ongeveer 2 meter boven zeeniveau

Verspreid over bijna twee miljoen vierkante kilometer oceaan bestaan de Marshalleilanden uit negenentwintig koraalatollen en vijf losse koraaleilanden. De eilandjes zijn in feite smalle ringen van zand en kalksteen die rusten op de randen van verzonken prehistorische vulkanen, omgeven door kristalheldere lagunes.
Vrijwel nergens komt het land meer dan een paar meter boven de branding uit; het hoogste punt van het hele land ligt op het atol Likiep en meet slechts tien meter boven de zeespiegel. Bij zware tropische stormen spoelt het oceaanwater regelmatig dwars over de wegen en huizen heen, waardoor de inwoners tot de meest kwetsbare bevolkingsgroepen voor de stijgende zeespiegel behoren.
3. Kiribati – ongeveer 2 meter boven zeeniveau

Met drieëndertig atollen die verspreid liggen over een enorm oceaanoppervlak ter grootte van India, vormt Kiribati een van de meest kwetsbare eilandstaten op aarde. Het land is de enige natie ter wereld die zich uitstrekt over alle vier de halfronden (noord, zuid, oost en west). De atollen zijn echter flinterdun en steken nauwelijks boven het wateroppervlak uit.
Door de combinatie van een stijgende zeespiegel en kusterosie verzilten zoetwaterbronnen en worden landbouwgronden onbruikbaar. De regering van Kiribati heeft in het verleden al land aangekocht op de Fiji-eilanden om een veilige haven te hebben voor het geval de eilanden definitief onbewoonbaar worden.
2. Tuvalu – ongeveer 1,8 meter boven zeeniveau

Met een landoppervlak van amper zesentwintig vierkante kilometer behoort het Polynesische Tuvalu tot de kleinste en meest afgelegen soevereine staten op aarde. De negen atollen zijn zo smal dat je op sommige plekken aan de ene kant de Stille Oceaan ziet breken en aan de andere kant de rustige lagune kunt aanraken.
Het hoogste natuurlijke punt van het land ligt op slechts 4,6 meter boven zeeniveau, maar het overgrote deel van het landschap bevindt zich ruim onder de twee meter. Tijdens springtij welt het zeewater door de poreuze koraalbodem omhoog, waardoor straten en landingsbanen zonder enige waarschuwing onder water komen te staan.
1. Malediven – ongeveer 1,5 meter boven zeeniveau

De archipel van de Malediven bestaat uit bijna twaalfhonderd koraaleilanden in de Indische Oceaan en pakt met afstand de titel van het laagste land ter wereld. Met een gemiddelde hoogte van slechts anderhalve meter boven de zeespiegel balanceert de eilandengroep letterlijk op de grens tussen land en oceaan.
Het officiële hoogste punt van de Malediven bevindt zich op het eiland Villingili en meet een bescheiden 2,4 meter boven zeeniveau, wat het het laagste ‘hoogste punt’ van elk land op aarde maakt. Om de hoofdstad Malé en de bevolking te beschermen, heeft het land enorme kunstmatige zeeweringen gebouwd en wordt er geïnvesteerd in kunstmatige, verhoogde eilanden zoals Hulhumalé om de toekomst van de eilandnatie veilig te stellen.

dat was ik niet gewoon van Nederland
Nederland
leuke top