10 Uitvinders Omgekomen Door Hun Eigen Uitvinding

11 min lezen
Maak ons je Google favoriet
10 Uitvinders Omgekomen Door Hun Eigen Uitvinding

Een ongeluk zit in een klein hoekje, maar soms zijn de gevolgen zo ernstig dat er mensen overlijden. Als uitvinder loop je daar aanzienlijk meer risico op. Je werkt vaak met explosieven, met grote machines en bovenal met nieuwe dingen waar we per definitie weinig van weten. Dat laatste is juist de reden dat er uitgevonden moet worden: we moeten er meer van weten om ze veiliger te maken, beter te gebruiken of te vermijden.

Dit lijstje beschrijft tien uitvinders die zichzelf met hun eigen uitvinding om het leven hebben gebracht. Een echte rangorde is er niet, want doder dan dood kun je niet zijn. Vliegeniers komen relatief vaak voor, simpelweg omdat er in de zoektocht naar een werkende vliegmachine enorm veel uitvinders zijn omgekomen.

Overigens hoeft dood door uitvinding niet te betekenen dat er een knal, een explosie en een hoop vuur aan te pas komt. Neem onze nummer één: zij stierf pas jaren na haar ontdekking, aan chronische blootstelling. Raad je al wie het is?

10. Michael Dacre en de Jetpod

De Jetpod was een ontwerp van het bedrijf Avcen Limited voor een supersstil vliegtuigje dat kon opstijgen en landen op zeer korte afstanden, bijvoorbeeld op een scheepsdek of midden in een stad zonder landingsbaan. Het idee was dat zo’n toestel geschikt zou zijn voor militaire doeleinden, maar ook als luchttaxi kon dienen.

De Jetpod zou een topsnelheid van zo’n 550 km/u halen en slechts 125 meter nodig hebben om op te stijgen en te landen, zodat vliegvelden niet meer mijlenver buiten de stad hoefden te liggen. Bovendien zou het toestel zo stil zijn dat vliegen boven bebouwd gebied geen overlast zou geven. Dat was in elk geval het idee.

Op 16 augustus 2009 ging het prototype de lucht in bij Taiping in Maleisië, met Michael Robert Dacre zelf in de cockpit. Na drie mislukte pogingen om op te stijgen lukte het de vierde keer, waarna het toestel steil klom en vrijwel meteen neerstortte. De crash werd Dacre fataal. Over de vraag of de testvlucht wel netjes was aangevraagd, hoefde hij zich daarna niet meer te bekommeren.

9. Aurel Vlaicu en zijn vliegtuig

We blijven nog even in het luchtruim hangen, want Aurel Vlaicu was ook een vlieger, of in elk geval iemand die het probeerde. Hij leefde van 1882 tot 1913 en was een Roemeense ingenieur die vliegtuigen bouwde en ze vervolgens zelf de lucht in nam.

In zijn eigen toestel, de Vlaicu II, kwam hij om tijdens een poging om over de Karpaten te vliegen. Op 13 september 1913 stortte hij neer nabij Câmpina. Er gingen destijds geruchten over sabotage, maar zijn vrienden onderzochten als eersten het wrak en verwierpen dat idee. Waarschijnlijker is dat het misging bij de landing. In die tijd landden vliegtuigen met de motor uit, waardoor een piloot een verkeerde inschatting op het laatste moment onmogelijk kon corrigeren. Dat gaat tien keer goed, misschien honderd keer, maar blijkbaar niet altijd.

Vlaicu wordt in Roemenië nog volop geëerd. 17 juni, de dag waarop hij in 1910 zijn eerste gemotoriseerde vlucht maakte, is uitgeroepen tot Nationale Luchtvaartdag. Het tweede vliegveld van Boekarest draagt zijn naam, evenals een universiteit, en zijn portret staat op het biljet van 50 lei.

8. William Bullock en de rotatiepers

William Bullock

Van de luchtvaart naar de industrialisatie. William Bullock leefde van 1813 tot 1867 en was een Amerikaanse uitvinder die de rotatiepers ingrijpend verbeterde. Zijn versie uit 1863 kon papier van een rol verwerken in plaats van los vel voor los vel, en dat maakte het drukken van kranten vele malen sneller. Diezelfde machine werd hem uiteindelijk fataal.

Een merkwaardig detail uit zijn leven is zijn gezinssituatie. Hij huwde Angelina Kimball en kreeg zeven kinderen met haar. Toen zij in 1850 stierf, huwde hij haar zus en kreeg nog eens zes kinderen.

Op 3 april 1867 was hij bezig met een nieuwe pers die hij aan het installeren was voor de krant Philadelphia Public Ledger. Hij probeerde een aandrijfriem op zijn plek te krijgen door er een trap tegen te geven, want fijne mechanica bestond nog niet en techniek was grof werk. Zijn been raakte beklemd en werd verbrijzeld. Bullock overleefde het ongeluk, maar in de dagen erna zette koudvuur in de wond zich door. Negen dagen later stierf hij, nota bene tijdens de operatie waarbij het been geamputeerd moest worden.

7. Alexander Bogdanov en de bloedtransfusie

Alexander Bogdanov werd in 1873 geboren in Sokółka, destijds onderdeel van het Russische Rijk en tegenwoordig gelegen in Polen. Hij was arts, maar ook filosoof, sciencefictionschrijver en revolutionair. Sterker nog, binnen de bolsjewistische beweging was hij een van Lenins directe rivalen, tot hij in 1909 uit de partijfractie werd gezet.

Al die politieke strijd bracht hem geen schade toe. Het waren de bloedtransfusie-experimenten die hem de das omdeden. Bogdanov geloofde dat het uitwisselen van bloed tussen jong en oud verjonging kon opleveren, en richtte in 1926 in Moskou een heus Instituut voor Bloedtransfusie op. Aan gewillige deelnemers geen gebrek, want wie wil er nu geen eeuwige jeugd. Zelfs Lenins zus Maria Oeljanova deed mee.

Bogdanov experimenteerde ook op zichzelf. Na elf transfusies meldde hij dat zijn zicht was verbeterd en zijn kaalheid was afgenomen. Een collega merkte op dat hij zeven, nee, tien jaar jonger leek. Bij zijn twaalfde transfusie in 1928 ging het mis: hij kreeg bloed toegediend van een student die zowel malaria als tuberculose had. Bogdanov stierf, terwijl de student die het bloed had gedoneerd een opmerkelijk herstel doormaakte.

6. Otto Lilienthal en het zweefvliegen

De luchtvaart brengt nu eenmaal spectaculaire ongelukken met zich mee, dus we keren terug naar dit vakgebied. Otto Lilienthal, geboren in 1848, was een Duitse pionier die bekendstond als de glider king, de zweefvliegkoning. Hij was de eerste die volledig gedocumenteerde en herhaaldelijk geslaagde zweefvluchten maakte.

Die documentatie was minstens zo belangrijk als de vluchten zelf. Iedereen kon roepen door de lucht te hebben gezweefd, maar het publiek was sceptisch, want de mens is nu eenmaal niet voor het luchtruim gemaakt. De vele foto’s van Lilienthal in de lucht hebben er stevig aan bijgedragen dat men vliegen serieus ging nemen. De gebroeders Wright noemden hem later expliciet als hun belangrijkste inspiratiebron.

Op 9 augustus 1896, op de respectabele leeftijd van 48 jaar, ging het mis. Zijn zweefvliegtuig verloor hoogte, kantelde en stortte vanaf een meter of vijftien neer. Lilienthal brak zijn nek. Hij leefde nog toen men hem vond, maar overleed de volgende dag in Berlijn. Zijn beroemde laatste woorden zouden zijn geweest: “Opfer müssen gebracht werden”, offers moeten worden gebracht. Het vliegveld Berlin Tegel droeg lange tijd zijn naam, al is dat in november 2020 gesloten toen het nieuwe vliegveld BER openging.

5. J.G. Parry-Thomas en het landsnelheidsrecord

Terug op aarde waren waaghalzen in dezelfde periode druk met landsnelheidsrecords. John Godfrey Parry-Thomas, geboren in 1884 in Wrexham in Wales, was de eerste racer die daarbij om het leven kwam.

Na een technische opleiding werd hij ingenieur bij Leyland Motors, waar hij samen met zijn assistent Reid Railton de Leyland Eight bouwde, bedoeld als concurrent van Rolls-Royce. Na een proefrit veranderde hij echter van gedachten en besloot fulltime racer en motoringenieur te worden.

In april 1926 brak hij op Pendine Sands het wereldrecord, en de dag erna scherpte hij zijn eigen prestatie aan tot ruim 275 kilometer per uur. Dat record hield ongeveer tien maanden stand, tot Malcolm Campbell het in februari 1927 op datzelfde strand verbeterde.

De auto die hem het record bezorgde, Babs, werd ook zijn einde. In een poging het terug te pakken ging hij van start, ondanks dat hij de griep had. Volgens het verhaal weigerde hij vlak daarvoor een zwarte-kattenmascotte van een klein meisje, met de woorden dat hij zijn lot in de handen van zijn Schepper legde. De auto sloeg over de kop en Parry-Thomas overleed ter plekke.

Decennialang deed het verhaal de ronde dat hij was onthoofd door de knappende aandrijfketting. Toen Babs in 1969 werd opgegraven en gerestaureerd, bleek dat verhaal niet te kloppen; hij is vrijwel zeker overleden aan een schedelbreuk toen de auto over het strand rolde. Babs werd destijds op verzoek van zijn nabestaanden in de duinen begraven, maar is dus weer boven de grond en te bewonderen in het Museum of Speed in Pendine.

4. Thomas Midgley jr. en zijn speciale bed

Thomas Midgley junior werd geboren op 18 mei 1889 in Pennsylvania en was scheikundige en werktuigbouwkundig ingenieur. Hij vergaarde in zijn loopbaan een indrukwekkende stapel patenten, en twee van zijn uitvindingen hebben de wereld werkelijk veranderd: hij bedacht het toevoegen van lood aan benzine om motoren rustiger te laten lopen, en hij ontwikkelde de cfk’s die als koelmiddel werden gebruikt.

Beide bleken rampzalig. Loodhoudende benzine heeft generaties lang de hersenontwikkeling van kinderen geschaad, en cfk’s sloegen een gat in de ozonlaag. Midgley wordt daarom wel eens omschreven als de mens die in zijn eentje de meeste invloed op de atmosfeer heeft gehad. Hij ondervond het overigens zelf ook: in 1923 raakte hij zwaar loodvergiftigd tijdens het werk aan zijn eigen brandstoftoevoeging en moest hij maandenlang herstellen. Publiekelijk bleef hij volhouden dat het middel veilig was.

Erkenning kreeg hij ruimschoots. In 1941 ontving hij de Priestley Medal, de hoogste onderscheiding van het Amerikaanse scheikundig genootschap, in 1942 de Willard Gibbs Award, en in 1944 was hij voorzitter van datzelfde genootschap.

Tijdens al die eerbetoon kreeg Midgley polio, waardoor hij ernstig invalide raakte. Hij bedacht een ingewikkeld systeem van touwen en katrollen waarmee hij zichzelf uit bed kon hijsen. Dat apparaat werd hem fataal: in november 1944 raakte hij erin verstrikt en stikte. Hij was 55. Officieel is het als ongeluk geregistreerd, al is er altijd getwijfeld of het wel echt een ongeluk was.

3. Henry Smolinski en de vliegende auto

Henry Smolinski bouwde een combinatie van vliegtuig en auto, onder de vlag van zijn eigen bedrijf Advanced Vehicle Engineers. Tussen 1971 en 1973 werkte het bedrijf aan het construeren en testen van dat toestel, de AVE Mizar. Grappig detail: de auto die als basis diende, was de Ford Pinto, die achteraf ook zonder vleugels al berucht zou worden om zijn veiligheid.

Op 11 september 1973, een om andere redenen illustere datum, stond een testvlucht gepland bij Camarillo. De vaste testpiloot was niet beschikbaar, dus ging Smolinski zelf. Kort na het opstijgen brak de bevestiging van de rechtervleugel, waarna het geheel neerstortte en in brand vloog. Smolinski en zijn compagnon Harold Blake kwamen om. Latere inspectie wees op slecht uitgevoerd laswerk aan de vleugelsteunen. Het idee van de vliegende auto verdween daarna snel naar de achtergrond.

2. Franz Reichelt en de parachute

Franz Reichelt was een Oostenrijker van geboorte, maar hij werkte als kleermaker in Parijs en gold daar al snel als Fransman. Naast dat vak vond hij in zijn vrije tijd parachutes uit, en testte ze ook.

Hij werd in 1878 geboren en kreeg na een aantal gedurfde escapades de bijnaam de vliegende kleermaker. Echt bekend werd hij pas door zijn laatste sprong. Reichelt werkte aan een draagbaar parachutepak, een soort vliegenierskostuum dat piloten aan konden houden en gebruiken als ze hun toestel moesten verlaten. In die tijd stortten vliegtuigen aan de lopende band neer, dus de vraag naar zoiets was groot.

Zijn eerste proeven met poppen vanaf de vijfde verdieping van zijn eigen appartementengebouw slaagden. Latere pogingen mislukten steeds, en Reichelt raakte ervan overtuigd dat dat kwam door een gebrek aan hoogte. Hij vroeg de gemeente herhaaldelijk om vanaf de Eiffeltoren te mogen springen en kreeg in 1912 eindelijk toestemming, al had hij verzwegen dat hij van plan was zelf te springen in plaats van een pop te gebruiken.

Op 4 februari 1912 sprong hij van het eerste platform, zo’n 57 meter hoog. Zijn parachute vouwde zich om hem heen en opende niet. Vrienden en omstanders hadden hem tot het laatst geprobeerd tegen te houden. Hij werd nog naar een ziekenhuis gebracht en daar doodverklaard. Het werd het nieuws van de dag, mede doordat er veel foto’s en zelfs filmbeelden van de sprong bestaan.

1. Marie Curie en de radioactiviteit

Marie Curie

In deze door mannen gedomineerde lijst staat op één toch een vrouw. En wat voor een. Marie Curie, geboren als Maria Salomea Skłodowska op 7 november 1867 in Warschau, was scheikundige en natuurkundige en is vooral bekend om haar baanbrekende onderzoek naar radioactiviteit.

Ze was de eerste vrouw die een Nobelprijs kreeg en tot op de dag van vandaag de enige persoon, man of vrouw, die de prijs won in twee verschillende wetenschapsgebieden: natuurkunde in 1903, samen met haar man Pierre en Henri Becquerel, en scheikunde in 1911. Ze was ook de eerste vrouwelijke hoogleraar aan de universiteit van Parijs en de eerste vrouw die op eigen verdienste in het Panthéon werd bijgezet.

Aan haar danken we onder meer de theorie van radioactiviteit, het isoleren van radioactieve isotopen, de ontdekking van polonium en radium en het opzetten van mobiele röntgenunits aan het front. Ze stierf op 4 juli 1934 op 66-jarige leeftijd aan aplastische anemie, een aandoening waarbij het beenmerg geen bloedcellen meer aanmaakt, veroorzaakt door jarenlange blootstelling aan straling.

Over de precieze bron van die straling is meer te zeggen dan meestal gebeurt. Ze ging inderdaad zorgeloos met radium om: ze droeg buisjes met radioactief materiaal in haar jaszakken, bewaarde ze in haar bureaula en merkte op dat ze in het donker zacht opgloeiden. Maar toen haar stoffelijk overschot in 1995 werd onderzocht voor de herbegrafenis in het Panthéon, bleek het radiumgehalte in haar lichaam niet noemenswaardig verhoogd. Onderzoekers wijzen daarom vooral naar de röntgenstraling waaraan ze zich tijdens de Eerste Wereldoorlog blootstelde in de door haarzelf opgezette mobiele röntgenwagens, de petites Curies. Röntgenstraling tast juist het beenmerg aan, wat precies past bij haar ziektebeeld.

Curie zelf heeft tot het einde volgehouden dat haar kwalen niets met straling te maken hadden. Ze heeft zichzelf dus min of meer om het leven gebracht, zij het uiterst langzaam. Gelukkig heeft de kennis die haar werk opleverde daarna talloze levens gered.

Uitvinden vereist experimenteren en testen, dus het is niet verwonderlijk dat er af en toe slachtoffers vallen. Jammer is het wel, want het zijn vaak de uitvinders zelf. Vrijwilligers voor het testen van iets nieuws zijn nu eenmaal schaars, dus stellen ze zichzelf maar bloot aan het grootste risico.

De bereidheid om dat risico te nemen levert de maatschappij hoe dan ook vooruitgang op. Soms in de vorm van een nieuw product, zoals de rotatiepers. Soms in de vorm van een waarschuwing voor gezondheidseffecten, zoals bij Curie en Bogdanov. En soms leren we simpelweg dat iets niet werkt, zoals bij de vliegende auto en het parachutepak. Ook mislukte ideeën blijken vaak een inspiratie voor volgende uitvinders. We hebben veel te danken aan bovengenoemde genieën en hun ongenoemde collega’s.

Advertentie (test)
Adsense 3

Meer in Bizar

Reacties (6)

6 reacties

  1. In het Britse TV programma QI werd Thomas Midgley de ‘grootste millieuvervuiler ooit’ genoemd.
    Zijn ontwikkeling van CFK’s voor koelkasten veroorzaakte het gat in de ozonlaag.
    Zijn ontwikkeling van lood om het kloppen van benzinemotoren tegen te gaan was al net zo schadelijk.
    (Dat is dus geen bijdrage aan de “tegenwoordige” benzine zoals incorrect in het stukje hierboven wordt beweerd.)

    https://en.wikipedia.org/wiki/Thomas_Midgley,_Jr.
    https://youtu.be/gZAnnvSOEmwr.

  2. Advanced Vehicle Engineers (oftewel Vooruitstrevende Wagen Ingenieurs)
    Wanneer je iets vertaald, staat t wel wat beter als je t goed doet.
    Advanced=Geadvanceerd
    Vehicle=Voertuig

  3. Mooie nummer 1, maar radioactiviteit is een ontdekking, geen uitvinding. Een uitvinding is steeds een technische oplossing voor een probleem, en dus niet enkel een nog niet gekende eigenschap van materie die in de natuur voorkomt.

  4. Helaas, deze kan ik niet negeren, hoewel al 2,5 jaar geleden geplaatst. Als je dan toch iemand wilt corrigeren, zorg er dan voor dat je het foutloos doet, of (mocht je er toch achter komen dat je het niet helemaal goed hebt gedaan), verbeter jezelf. Advanced=Geadvanceerd? Echt? Wat doet die ‘d’ er tussen? Het is toch echt geavanceerd. En kan je advanced ook lezen als ‘ontwikkeld’ of ‘ver ontwikkeld’.

  5. Maar als je nou een parachute uitvind en je weet dat die niet werkt, waarom zou je dan van de Eiffeltoren willen afspringen. Dat is het toppunt van domheid. En hij viel ook pardoes dood. Logisch.

  6. Geweldig toch dat er mensen op deze wereld waren/zijn die de durf hebben om met risico voor eigen leven ontdekkingen te doen, sommige zelfs zo groots dat het de wereld voorgoed heeft veranderd.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Populair in Bizar