Top 10 Beste vrouwelijke tennissers aller tijden

7 min lezen
Maak ons je Google favoriet
serena williams

Vrouwen speelden al vanaf het einde van de negentiende eeuw op Wimbledon, aanvankelijk nog in enkellange witte rokken en korsetten, maar moesten tot diep in de twintigste eeuw vechten voor erkenning en volwaardig prijzengeld. Pas toen negen speelsters in 1970 voor een symbolisch contract van één dollar een eigen profcircuit oprichtten, ontstond de huidige WTA-tour en groeide het vrouwentennis uit tot de bestbetaalde vrouwensport ter wereld.

Van de pioniers uit de jaren zeventig tot de moderne krachtpatsers met meer dan twintig Grand Slam-bekers: dit zijn de tien beste vrouwelijke tennissers aller tijden, aftellend van tien naar één.

Bekijk ook de top 10 beste mannelijke tennissers aller tijden.

10. Martina Hingis

mmartina hingis

Vernoemd naar haar grote voorbeeld Martina Navratilova herschreef de in Slowakije geboren Zwitserse Martina Hingis eind jaren negentig alle leeftijdsrecords in de tennisboeken. In 1996 won ze op vijftienjarige leeftijd al het damesdubbelspel op Wimbledon, en een jaar later werd ze op zestienjarige leeftijd de jongste Grand Slam-winnares én de jongste nummer één van de wereld uit de twintigste eeuw.

Hingis moest het niet hebben van brute spierkracht, maar ontleedde haar tegenstanders met vlijmscherpe hoeken, dropshots en een tactisch spelinzicht waardoor ze 209 weken lang de wereldranglijst aanvoerde. Hoewel chronische voet- en enkelblessures haar enkelspeltotaal op vijf Grand Slams hielden, voegde ze daar tijdens latere comebacks nog dertien Grand Slam-titels in het damesdubbel en zeven in het gemengd dubbel aan toe, waarmee haar totaal op 25 grote titels kwam.

9. Justine Henin

Met haar lengte van slechts 1,67 meter en een gewicht van nog geen zestig kilo leek de Belgische Justine Henin fysiek in het nadeel tegen de veel grotere Amerikaanse en Russische speelsters van de vroege jaren tweeduizend. Zodra ze haar enkelhandige backhand inzette, veranderde die verhouding direct: oud-kampioen John McEnroe omschreef die slag herhaaldelijk als de technisch beste enkelhandige backhand in zowel het vrouwen- als het mannentennis. Henin won zeven Grand Slam-titels, waaronder vier keer Roland Garros, veroverde in 2004 olympisch goud in Athene en stond 117 weken op de eerste plaats van de wereldranglijst.

8. Venus Williams

Venus Williams

Voordat haar jongere zus Serena de schijnwerpers overnam, was Venus Williams degene die rond de eeuwwisseling het moderne powertennis bij de vrouwen introduceerde. Met opslagen van boven de tweehonderd kilometer per uur en een enorme reikwijdte aan het net was ze vooral op het snelle gras van Wimbledon een klasse apart: ze bereikte er negen keer de enkelspelfinale en won het toernooi vijf keer.

In totaal veroverde Venus zeven Grand Slam-titels in het enkelspel, veertien in het damesdubbel en vier gouden olympische medailles. Minstens zo blijvend was haar invloed buiten de lijnen: na een jarenlange publieke campagne van Williams zwichtte de organisatie van Wimbledon in 2007 als laatste Grand Slam-toernooi en trok het prijzengeld voor vrouwen en mannen volledig gelijk.

7. Monica Seles

https://www.youtube.com/watch?v=mKPV1CzO2t0->

Niemand weet hoeveel Grand Slam-titels Monica Seles had gewonnen als een toeschouwer op 30 april 1993 niet met een keukenmes de baan op was gerend.

De in het toenmalige Joegoslavië geboren linkshandige speelster sloeg zowel haar forehand als haar backhand met twee handen en domineerde het vrouwentennis in het begin van de jaren negentig volledig. Nog voor haar twintigste verjaardag had ze al acht Grand Slam-titels gewonnen, waaronder drie keer op rij Roland Garros, en had ze Steffi Graf van de eerste plaats op de wereldranglijst gestoten.

Tijdens een kwartfinale op het toernooi van Hamburg stak een geobsedeerde Duitse fan van Graf haar tijdens een baanwissel van achteren tussen haar schouderbladen, met het uitgesproken doel om Graf weer nummer één te maken. Hoewel de fysieke wond genas, keerde Seles door het psychische trauma pas ruim twee jaar later terug op de baan, waar ze in 1996 nog een negende Grand Slam-titel op de Australian Open aan haar erelijst wist toe te voegen.

6. Billie Jean King

In september 1973 keken wereldwijd naar schatting negentig miljoen televisiekijkers toe hoe de 29-jarige Billie Jean King in het Houston Astrodome de vijfenvijftigjarige oud-kampioen Bobby Riggs versloeg in de beroemde Battle of the Sexes. Enkele maanden eerder had ze in een Londens hotel al de Women’s Tennis Association (WTA) opgericht om een eigen professionele tour voor vrouwen af te dwingen.

Die historische rol als voorvechtster doet soms bijna vergeten hoe dominant de 1,64 meter lange Amerikaanse met het brilletje zelf op de baan was. Met haar agressieve aanvalsspel aan het net won King in haar loopbaan 129 enkelspeltoernooien en 39 Grand Slam-titels, waarvan twaalf in het enkelspel, zestien in het damesdubbel en elf in het gemengd dubbel.

5. Margaret Court

Wie puur naar de optelsom van Grand Slam-bekers kijkt, komt in de geschiedenisboeken altijd uit bij de Australische Margaret Court. Tussen 1960 en 1975 verzamelde ze in het enkelspel, damesdubbel en gemengd dubbel bij elkaar maar liefst 64 Grand Slam-titels, een aantal waar geen enkele andere speler ooit bij in de buurt is gekomen. In het enkelspel staat haar teller op 24 titels, waarvan ze er elf op eigen bodem tijdens de Australian Open won. Haar sportieve hoogtepunt bereikte ze in 1970, toen ze als eerste vrouw in het Open Tijdperk alle vier de Grand Slam-toernooien in één kalenderjaar op haar naam schreef.

4. Chris Evert

Dertien jaar op rij, van 1974 tot en met 1986, sloot de Amerikaanse Chris Evert elk seizoen af met ten minste één gewonnen Grand Slam-titel in het enkelspel. Met haar ijzige zelfbeheersing en haar loepzuivere dubbelhandige backhand fungeerde ze vanaf de achterlijn als een menselijke ballenkanon die nauwelijks ongedwongen fouten maakte.

Van de 1.455 enkelspelpartijen die ze in haar profloopbaan speelde, won Evert er 1.309: een winstpercentage van precies negentig procent, het hoogste uit de geschiedenis van het proftennis. Ze stond in een recordaantal van 34 Grand Slam-finales, won er achttien (waaronder een record van zeven eindzeges op het gravel van Roland Garros) en schreef in totaal 157 toernooien op haar naam.

3. Martina Navratilova

Toen de achttienjarige Martina Navratilova in 1975 tijdens de US Open politiek asiel aanvroeg in de Verenigde Staten en het communistische Tsjecho-Slowakije achter zich liet, begon een van de indrukwekkendste loopbanen uit de sportgeschiedenis. Samen met haar vijftienjarige rivaliteit tegen vriendin Chris Evert tilde ze de fysieke fitheid en het serve-and-volley-spel bij de vrouwen naar een totaal ander niveau.

Navratilova won achttien Grand Slam-titels in het enkelspel, waaronder een record van negen eindzeges op Wimbledon, en voegde daar nog eens 31 Grand Slams in het damesdubbel en tien in het gemengd dubbel aan toe. In 1984 boekte ze 74 overwinningen op rij zonder nederlaag, en haar totale oogst van 167 enkelspeltitels en 177 dubbeltitels staat nog altijd als een huis in de recordboeken. Haar allerlaatste Grand Slam-titel in het gemengd dubbel won ze in 2006 op de US Open, een maand voor haar vijftigste verjaardag.

2. Steffi Graf

In het kalenderjaar 1988 presteerde de negentienjarige West-Duitse Steffi Graf iets wat sindsdien door geen enkele man of vrouw meer is herhaald: de Golden Slam. In één en hetzelfde seizoen won ze achtereenvolgens de Australian Open, Roland Garros, Wimbledon en de US Open, om enkele weken later in Seoel ook nog de olympische gouden medaille te veroveren.

Met haar snelle voetenwerk, een snijdende slice-backhand en een verwoestende inside-out forehand beheerste Fräulein Forehand elke ondergrond. Ze won in totaal 22 Grand Slam-titels in het enkelspel, was de eerste speler die elk van de vier grote toernooien minstens vier keer wist te winnen en voerde 377 weken lang de wereldranglijst aan, voordat ze in 1999 op dertigjarige leeftijd als nummer drie van de wereld stopte.

1. Serena Williams

serena williams
Dorothy Hong Shutterstock.com

Op de openbare en verwaarloosde asfaltbanen van het Californische Compton leerde Serena Williams van haar vader Richard al op vierjarige leeftijd om elke bal zo vroeg en hard mogelijk te raken.

Die compromisloze aanvalsstijl leverde haar haar eerste Grand Slam-titel op tijdens de US Open van 1999, toen ze zeventien jaar oud was, en haar drieëntwintigste en laatste op de Australian Open van 2017, toen ze vijfendertig was en al acht weken zwanger bleek van haar dochter.

Met die 23 enkelspeltitels is Williams de recordhoudster van het Open Tijdperk. Twee keer in haar carrière (in 2002 – 2003 en in 2014 – 2015) had ze alle vier de Grand Slam-titels tegelijkertijd in haar bezit: de zogeheten Serena Slam. Tel daar veertien ongeslagen Grand Slam-finales in het damesdubbel met haar zus Venus en vier gouden olympische medailles bij op, en het is duidelijk waarom geen enkele speelster het moderne tennis zo lang naar haar hand heeft kunnen zetten.

Meer lijstjes over tennis

Meer in Sport

Reageren

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Populair in Sport