Nederland geldt internationaal als een land met relatief lage gewelds- en moordcijfers. Toch is de vaderlandse geschiedenis niet verschoond gebleven van seriemoordenaars. Van negentiende-eeuwse gifmengsters die jaagden op verzekeringspremies tot naoorlogse lustmoordenaars en kwaadwillende zorgverleners.
Hieronder vind je de tien beruchtste seriemoordenaars uit de Nederlandse misdaadgeschiedenis, gerangschikt op basis van het aantal slachtoffers en de maatschappelijke impact van hun daden.
Bekijk ook: De top 10 beroemdste seriemoordenaars aller tijden en de 10 seriemoordenaars met de meeste slachtoffers ter wereld.
10. Hendrikje Doelen (3 slachtoffers)
In het Drentse dorp Schipborg zaaide Hendrikje Doelen in de vroege negentiende eeuw dood en verderf binnen haar eigen familiekring. Tussen 1845 en 1846 diende zij haar echtgenoot en twee van haar eigen kinderen stiekem dodelijke hoeveelheden arseen toe, vermengd door het eten.
Haar motief lag in armoede en de wens om van monden af te komen die gevoed moesten worden. De zaak kwam aan het licht toen buren en de plaatselijke arts argwaan kregen over de plotselinge sterfgevallen in hetzelfde huishouden. Na opgraving van de lichamen en forensisch maagonderzoek werd Doelen in 1847 ter dood veroordeeld, wat later werd omgezet in een langdurige gevangenisstraf in Gouda.
9. Hester Rebecca Nepping (3 slachtoffers)

In Wijk bij Duurstede zette Hester Rebecca Nepping tussen 1808 en 1811 een dodelijk complot op touw. Samen met haar minnaar en een medeplichtige diende zij drie mensen in haar directe omgeving dodelijke doses arseen toe: eerst haar echtgenoot Jan van Beusekom, vervolgens een inwonende bejaarde kostgangster, en ten slotte haar dienstbode Janna Engelgrave die onraad rook.
De moorden kwamen aan het licht toen de plotselinge sterfgevallen in één huishouden tot een gerechtelijk onderzoek leidden. Onder het destijds geldende Franse recht werd Nepping in 1812 ter dood veroordeeld. Op 15 juni 1812 werd zij op het schavot voor de Waag op de Nieuwmarkt in Amsterdam onthoofd onder de guillotine, een van de zeldzame keren dat dit executiemiddel in Nederland werd gebruikt.
8. Aalt Mondria (4 slachtoffers)
Aalt Mondria begon zijn criminele spoor in 1975. In dat jaar bracht hij zijn 26-jarige vriendin en haar twee jonge kinderen om het leven in Gorinchem, een daad waarvoor hij werd veroordeeld tot vijftien jaar cel met tbs.
Na zijn vrijlating vestigde Mondria zich opnieuw in de samenleving. In 1999 sloeg hij echter opnieuw toe: hij ontvoerde, misbruikte en vermoordde de tienjarige Nina Schenk in Rotterdam. Justitie legde de recidivist opnieuw een levenslange gevangenisstraf op, waarmee Mondria een van de weinige Nederlandse daders werd die tweemaal voor meervoudige moord werd veroordeeld.
7. Patrick S. (minstens 2 slachtoffers)
De Delftenaar Patrick S. opereerde jarenlang onder de radar als een meedogenloze lust- en roofmoordenaar. In 2010 ontvoerde en vermoordde hij de 33-jarige Farida Zargar in het Midden-Delflandgebied, waarna hij haar lichaam begroef in de bossen en haar bankpas bleef gebruiken.
Pas toen S. in 2011 werd opgepakt na een reeks gewelddadige straatovervallen en verkrachtingen, vonden speurders bezittingen van Zargar in zijn woning. Verder DNA-onderzoek koppelde hem tevens aan de gewelddadige dood van de twaalfjarige Nienke Kleiss in het Schiedammer Park in 2000, een zaak die eerder leidde tot de beruchte Schiedammer parkmoord-dwaling. S. werd veroordeeld tot levenslang.
6. Frans Hooijmaijers (‘De Broeder des Doods’, minstens 5 slachtoffers)
Als verpleegkundige in de Lückerheidekliniek in Kerkrade kreeg Frans Hooijmaijers in de jaren zeventig de bijnaam ‘Broeder Frans’. Achter zijn ogenschijnlijk zorgzame houding diende hij ernstig zieke en bejaarde patiënten zonder medische noodzaak massale overdoses insuline en valium toe.
Hooijmaijers beweerde later uit medelijden te hebben gehandeld om het lijden van zijn patiënten te verkorten, al bleek uit getuigenissen dat hij handelde uit een verlangen naar macht en controle over leven en dood. Justitie verdacht hem van ruim driehonderd verdachte sterfgevallen, maar kon uiteindelijk vijf moorden wettig bewijzen. In 1977 kreeg hij achttien jaar cel opgelegd.
5. Michel Stockx (minstens 3 slachtoffers)
De Nederlandse vrachtwagenchauffeur Michel Stockx maakte begin jaren negentig slachtoffers in meerdere Europese landen. In 1991 ontvoerde en vermoordde hij de elfjarige Nathalie Geijsbregts in België, en bracht hij in Frankrijk en Nederland nog twee jonge jongens om het leven.
Stockx werd in 1992 in Duitsland aangehouden en later veroordeeld tot twintig jaar celstraf en tbs. Tijdens zijn detentie in de gevangenis van Scheveningen raakte hij in september 2001 zwaargewond toen een medegevangene een pan kokende olie over hem heen gooide. Stockx overleed enkele dagen later aan zijn brandwonden.
4. Hans van Zon (minstens 3 slachtoffers)

In de jaren zestig groeide Hans van Zon uit tot een van de eerste breed uitgemeten seriemoordenaars in de Nederlandse media. Gewapend met een loden pijp sloeg hij tussen 1964 en 1967 toe in Utrecht en Amsterdam, waar hij roofmoorden pleegde op onder meer Coby van der Voort en Jan de Heus.
Zijn charmante uiterlijk en vlotte babbel stonden in schril contrast met de brute agressie waarmee hij zijn slachtoffers toetakelde. Van Zon bekende na zijn aanhouding meerdere moorden, werd veroordeeld tot levenslang en kwam in 1986 na gratieverlening vrij. Hij overleed in 1998 op 56-jarige leeftijd.
3. Koos Hertogs (3 slachtoffers)
Tussen 1979 en 1980 joeg Koos Hertogs op jonge meisjes in de regio Den Haag. Hij ontvoerde de twaalfjarige Tineke van der Vorst, de dertienjarige Edith Siegers en de achttienjarige Eefje Baert naar zijn woning, misbruikte hen en bracht hen om het leven.
Hertogs dumpte de stoffelijke resten in bossen en duingebieden in Zuid-Holland en Brabant. Na een van de omvangrijkste politieonderzoeken uit die tijd werd hij in 1980 gearresteerd. De rechtbank legde hem in 1982 een levenslange gevangenisstraf op. Hertogs weigerde tot aan zijn dood over de toedracht van de moorden te praten. Hij overleed in 2015 op zeventigjarige leeftijd in de gevangenis van Scheveningen.
2. Willem van Eijk (‘Het Beest van Harkstede’, 5 slachtoffers)
Willem van Eijk begon zijn moordreeks in de vroege jaren zeventig. In 1971 wurgde hij de vijftienjarige liftster Cora Mantel, en twee jaar later bracht hij de 43-jarige Aaltje van der Plaat om het leven. Hij bekende beide daden en kreeg achttien jaar cel met tbs opgelegd.
In 1990 kwam Van Eijk vrij nadat psychiaters oordeelden dat het gevaar was geweken. Hij trouwde en vestigde zich in het Groningse dorp Harkstede. Tussen 1993 en 2001 sloeg hij echter opnieuw toe en vermoordde hij drie prostituees uit de stad Groningen: Michelle Fatol, Annelies Reinders en Sasja Schenker. Kledingstukken van zijn laatste slachtoffer werden teruggevonden vlak bij zijn erf, wat leidde tot zijn definitieve aanhouding. In 2002 kreeg hij levenslang. Van Eijk overleed op 19 juni 2019 op 77-jarige leeftijd in de gevangenis van Vught.
1. Maria Swanenburg (‘Goeie Mie’, minstens 27 slachtoffers)

Met minstens 27 bewezen dodelijke slachtoffers en meer dan negentig verdachte vergiftigingen geldt de Leidse Maria Catherina Swanenburg als de dodelijkste seriemoordenaar uit de Nederlandse geschiedenis. Tussen 1880 en 1883 mengde deze volksvrouw stelselmatig arseen (rattenkruid) door het eten en drinken van zieke buurtgenoten, vrienden en familieleden.
Haar motief was puur financieel: als mantelzorger sloot Swanenburg stiekem begrafenisfondsen en levensverzekeringen af op kwetsbare wijkbewoners, om na hun plotselinge overlijden de uitkeringen op te strijken. Ze vergiftigde zelfs haar eigen ouders en schoonzus. Uiteindelijk liep zij tegen de lamp toen een arts bij een heel gezin tegelijk vergiftigingsverschijnselen constateerde. In 1885 werd zij veroordeeld tot een levenslange tuchthuisstraf.
Zij stierf in 1915 op 76-jarige leeftijd in de strafgevangenis van Gorinchem.

Reageren