Grootste Paard ter Wereld: De 10 Grootste Paardenrassen

7 min lezen
Maak ons je Google favoriet
Nederlands trekpaard

Wat is het grootste paard ter wereld? Wie zoekt naar het ultieme record, stuit al snel op twee verschillende antwoorden: het individuele recordpaard en het grootste paardenras in het algemeen. Het allergrootste paard dat ooit officieel werd gemeten, was de Engelse Shire-ruin Sampson (later omgedoopt tot Mammoth), die rond 1850 een schofthoogte van maar liefst 2,19 meter en een gewicht van ruim 1.500 kilo bereikte. In de moderne tijd ging die eer naar Big Jake, een Belgisch trekpaard met een schofthoogte van 2,10 meter dat tot zijn overlijden in 2021 in het Guinness Book of Records stond.

Kijken we naar de gemiddelde schofthoogte en spiermassa van complete rassen, dan domineren de zware koudbloedpaarden de ranglijst. Deze robuuste werkpaarden werden eeuwenlang gefokt voor zware landarbeid, bosbouw en het trekken van zware vrachten door modderige klei.

Het grootste paard ter wereld ooit: Sampson

Het officiële wereldrecord voor het grootste en zwaarste paard ooit gedocumenteerd staat op naam van Sampson. Deze Shire-ruin werd geboren in 1846 in Toddington Mills (Bedfordshire, Engeland) bij fokker Thomas Cleaver. Toen Sampson vier jaar oud was, maten experts zijn schofthoogte op 21,25 handen, wat neerkomt op exact 2,19 meter. Zijn gewicht werd destijds vastgesteld op meer dan 1.520 kilogram.

Vanwege zijn uitzonderlijke afmetingen kreeg Sampson al snel de toepasselijke bijnaam ‘Mammoth’. Hoewel latere uitschieters zoals de Amerikaanse hengst Dr. LeGear (2,11 meter) en de Belgische ruin Big Jake (2,10 meter) dicht in de buurt kwamen, is Sampsons historische record na meer dan 170 jaar nog altijd ongebroken.

Dit zijn de tien grootste paardenrassen ter wereld, gerangschikt van het zwaarste en hoogste ras naar beneden, voorafgegaan door het legendarische recordpaard.

1. Shire

shire

De Britse Shire voert de lijst van grootste paardenrassen wereldwijd aan. Hengsten van dit monumentale koudbloedras bereiken een gemiddelde schofthoogte van 1,75 tot 1,85 meter, met uitschieters die regelmatig boven de twee meter uitstijgen. Een volwassen Shire weegt doorgaans tussen de 1.000 en 1.200 kilogram, gedragen door massieve benen met kenmerkende lange witte beharing (behang) rond de hoeven.

Het ras stamt af van de middeleeuwse Engelse ‘Great Horse’, die werd ingezet om ridders in volle bepantsering te dragen. Tijdens de industriële revolutie verhuisden de dieren naar de steden om zware brouwerskarren en vrachten over straatklinkers en langs kanalen te trekken; een getraind span Shires kan met gemak meerdere tonnen in beweging brengen. Ondanks hun intimiderende fysiek staan Shires bekend om hun uitzonderlijk zachte, flegmatieke karakter, wat hen de bijnaam gentle giants opleverde.

2. Clydesdale

Clydesdale

Afkomstig uit de vallei van de rivier de Clyde in Schotland, staat de Clydesdale bekend als een van de meest herkenbare zware rassen ter wereld, mede dankzij de beroemde reclames van bierbrouwer Budweiser. Met een schofthoogte van 1,70 tot 1,85 meter en een gewicht tussen de 850 en 1.050 kilogram zijn ze nauwelijks kleiner dan de Shire. Fokkers kruisten in de achttiende en negentiende eeuw Vlaamse hengsten in om het lokale Schotse werkpaard meer massa te geven. Wat de Clydesdale onderscheidt van andere reuzen is zijn opvallend energieke gang: ze tillen hun hoeven tijdens het stappen hoog op, waarbij de witte aftekeningen aan het hoofd en de weelderige sokken aan de benen extra in het oog springen.

3. Belgisch trekpaard

Belgisch trekpaard

Het Belgisch trekpaard, traditioneel ook aangeduid als de Brabander, is qua spiermassa en pure trekkracht een van de zwaarste rassen op aarde. Waar de Shire en Clydesdale vooral uitblinken in lengte, bezit de Brabander een extreem brede borstkas, een zware dubbele gespierde achterhand en een korte, krachtige hals.

Volwassen hengsten wegen gemiddeld tussen de 900 en 1.150 kilogram bij een schofthoogte van 1,65 tot 1,75 meter. Het ras bewees herhaaldelijk tot welke extreme uitschieters het in staat is: het zwaarste paard uit de moderne geschiedenis was Brooklyn Supreme (1928-1948), een Brabander uit Iowa die maar liefst 1.451 kilo woog. Ook Big Jake, die met 2,10 meter jarenlang gold als het hoogste levende paard ter wereld, behoorde tot dit Belgische ras.

De Brabander vormde eeuwenlang de ruggengraat van de West-Europese landbouw en diende als stamvader voor talloze andere Europese trekpaarden. Tegenwoordig worden de paarden vooral gekoesterd voor traditie en demonstraties, zoals de garnaalvisserij te paard in Oostduinkerke.

4. Suffolk Punch

Suffolk Punch

De Suffolk Punch uit het oosten van Engeland is een van de oudste geregistreerde koudbloedrassen; alle hedendaagse exemplaren zijn via de mannelijke lijn terug te voeren op één enkele hengst genaamd Crisp’s Horse uit 1768. Het woord ‘Punch’ verwijst naar hun gedrongen, tonvormige bouw: ze hebben korte, bijzonder sterke benen zonder de weelderige beenbeharing van Shires of Clydesdales, wat praktisch was in de zware Engelse klei.

Ondanks een iets compactere schofthoogte van 1,65 tot 1,75 meter tikt een volwassen Suffolk Punch met gemak 900 tot 1.050 kilo aan op de weegschaal. Een opvallend raskenmerk is dat ze uitsluitend voorkomen in verschillende tinten voskleur (kastanjebruin). Omdat landbouwmachines hun rol na de Tweede Wereldoorlog overnamen, is het ras vandaag de dag zeldzamer dan de reuzenpanda, al houden toegewijde stamboeken in Groot-Brittannië de populatie in stand.

5. Percheron

Percheron

De Franse provincie Le Perche bracht een koudbloed voort dat brute kracht combineert met opvallende verfijning. De Percheron werd oorspronkelijk gefokt als zwaar oorlogspaard voor geharnaste ridders, maar ontwikkelde zich later tot een veelzijdig trekpaard voor postkoetsen en zware omnibuslijnen in Parijs. Door eeuwenoude kruisingen met Arabische volbloeden bezit de Percheron een soepeler gangwerk en een edeler hoofd dan veel andere koudbloeden. Een volwassen exemplaar bereikt een schofthoogte van 1,65 tot 1,80 meter en een gewicht tussen de 800 en 1.000 kilo, waarbij de vacht bijna altijd appelschimmelgrijs of gitzwart is.

6. Boulonnais

De Boulonnais, afkomstig uit de streek rond Boulogne-sur-Mer in Noord-Frankrijk, draagt de bijnaam het ‘marmeren paard’. De bijna uitsluitend zilvergrijze of witte vacht en de uitzonderlijk zachte huid geven het dier een statige uitstraling. Historici vermoeden dat de basis van het ras al werd gelegd toen troepen van Julius Caesar zich in de streek verzamelden voor de invasie van Britannia.

Met een schofthoogte van 1,60 tot 1,70 meter en een gewicht tussen de 750 en 900 kilogram is de Boulonnais lichter dan de Britse reuzen, maar zijn snelheid was legendarisch. Vóór de komst van de spoorwegen werden deze zware paarden in estafettespannen gebruikt om verse vis vanaf de Noordzeekust in sneltreinvaart naar de markten van Parijs te vervoeren (de zogeheten mareyeurs). Net als de Percheron kent de Boulonnais een flinke dosis oosters bloed, wat hun levendige temperament verklaart.

7. American Cream Draft

American Cream Draft

De American Cream Draft is het enige trekpaardenras dat zijn oorsprong volledig in de Verenigde Staten vindt. Het ras ontstond aan het begin van de twintigste eeuw in Iowa vanuit een enkele merrie genaamd ‘Old Granny’, die opviel door haar zeldzame crèmekleurige vacht, witte manen en amberkleurige ogen. Deze specifieke kleurslag wordt veroorzaakt door het zogeheten champagne-gen. Met een gewicht van 750 tot 850 kilo voor merries en tot 950 kilo voor dekhengsten bij een stokmaat rond de 1,65 meter, is het een middelgroot maar buitengewoon zwaar gebouwd show- en werkpaard. Omdat er wereldwijd slechts enkele honderden raszuivere exemplaren geregistreerd staan, geldt het als een ernstig bedreigd cultureel erfgoedras.

8. Australisch trekpaard

Het Australisch trekpaard (de Australian Draught Horse) is een relatief jong ras dat officieel in 1976 zijn eigen stamboek kreeg. Kolonisten in Australië hadden behoefte aan een werkpaard dat bestand was tegen de verzengende hitte, droogte en ruwe omstandigheden in de outback. Om dat te bereiken, kruisten fokkers de vier belangrijkste Britse koudbloeden: de Shire, Clydesdale, Percheron en Suffolk Punch.

Het resultaat is een robuust en sober werkpaard met een schofthoogte van 1,62 tot 1,72 meter en een gewicht dat schommelt tussen de 800 en 900 kilogram. Ze combineren de gehardheid van de Suffolk Punch met het atletische vermogen van de Clydesdale. In Australië worden ze vandaag de dag nog steeds ingezet op afgelegen veebedrijven en zijn ze vaste publiekstrekkers tijdens nationale ploeg- en trekproefwedstrijden.

9. Nederlands trekpaard

Nederlands trekpaard

Het Nederlands trekpaard werd vanaf het einde van de negentiende eeuw ontwikkeld door inheemse Zeeuwse werkpaarden te kruisen met zware Belgische Brabanders en Ardense trekpaarden. Het doel was een massief, onvermoeibaar werkdier te fokken dat bestand was tegen de loodzware Zeeuwse en Groningse kleigronden. Een volwassen Nederlands trekpaard weegt gemiddeld tussen de 750 en 900 kilogram bij een stokmaat van circa 1,60 tot 1,70 meter. Ze kenmerken zich door een compacte, breed gespierde romp, een rustig temperament en zware benen met sokken. Hoewel de tractor hun zware akkerwerk heeft overgenomen, wordt het ras in stand gehouden door fokkers en liefhebbers, onder meer tijdens folkloristische tradities zoals het ringrijden in Zeeland.

10. Jutlander

Jutland

Het Deense schiereiland Jutland vormt de bakermat van het Jutland-paard, het nationale trekpaardenras van Denemarken. Het ras vindt zijn wortels in de middeleeuwen, maar kreeg zijn definitieve vorm in de negentiende eeuw toen fokkers het lokale werkpaard kruisten met de Britse Suffolk Punch en het Frederiksborger-paard. Dit verklaart waarom de overgrote meerderheid van de Jutlanders een karakteristieke voskleurige vacht heeft met lichte, vlasblonde manen en staart.

Met een gewicht tussen de 650 en 800 kilogram en een schofthoogte van 1,55 tot 1,65 meter is de Jutlander binnen de categorie zware koudbloeden een van de compactere rassen, maar hun trekkracht is aanzienlijk. Brouwerij Carlsberg gebruikte honderden Jutlanders om bier door Kopenhagen te distribueren; nog altijd houdt de brouwerij een selecte stal met Jutlanders aan voor ceremoniële optochten en evenementen.

Meer in Dieren

Reacties (2)

2 reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Populair in Dieren & Natuur